Overige maatregelen

Onder de overige maatregelen zijn onder andere enkele rentemaatregelen opgenomen (rentestop naheffingsaanslagen, belasting – en invorderingsrente) alsmede een wijziging op het kindgebonden budget. Tevens wordt er een nader onderzoek aangekondigd naar de massaalbezwaarprocedure.

Rentestop voor naheffingsaanslagen

Als een inspecteur op basis van een verzoek of aangifte langer dan de reguliere behandeltermijn doet over het vaststellen van een belastingaanslag, vindt er ten aanzien van de belastingrente een zogenoemde rentestop plaats. Voor naheffingsaanslagen is dit nog niet in de wet opgenomen. Vanaf 1 januari 2023 zal deze rentestop naar verwachting ook gaan gelden voor naheffingsaanslagen loonbelasting, dividendbelasting, bronbelasting, overdrachtsbelasting, BPM, accijns, verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken of een in de Wet belastingen op milieugrondslag genoemde belasting. Het tijdvak waarover belastingrente wordt berekend eindigt uiterlijk 10 weken na ontvangst van het verzoek (waaronder een herziening of verbetering van een (suppletie) aangifte en een correctiebericht voor de loonheffingen) om de naheffingsaanslag op te leggen. Voor de omzetbelasting zal de rentestop op een later moment in werking treden, omdat in het huidige systeem voor de omzetbelasting van de Belastingdienst deze rentestop niet verwerkt kan worden. Bij de introductie van een nieuw systeem voor de omzetbelasting (beoogd voor medio 2026), zou dit uitvoeringstechnisch wel mogelijk zijn.

Commentaar van PKF Wallast

Het wordt door veel belastingplichtigen als niet juist ervaren dat ze rente moeten betalen als het niet aan hen ligt dat een (naheffings)aanslag (te) laat wordt opgelegd. Een goede zaak dat de rentestop nu ook uitgebreid wordt naar naheffingsaanslagen. De omzetbelasting moet helaas nog even wachten.

Maatwerk belastingrente

In bepaalde gevallen kan de wettelijke regeling ten aanzien van de berekening van belastingrente leiden tot situaties die (zeer) indruisen tegen het rechtsvaardigheidsgevoel van belastingplichtigen en ook niet passen bij het oogmerk dat aan de regeling van belastingrente ten grondslag ligt. Vanaf 2023 wordt daarom een nieuwe wettelijke bepaling ingevoerd op basis waarvan een inspecteur de belastingrente in bepaalde situaties kan verminderen. Op deze manier wordt de mogelijkheid geboden om meer maatwerk te bieden dan voorheen. Met deze bepaling wordt het mogelijk dat rekening wordt gehouden met periodes waarin (een deel van) het te betalen bedrag al op de rekening van de Belastingdienst heeft gestaan. De voorgestelde bepaling zal niet in alle heffingssytemen automatisch kunnen worden toegepast. Hierdoor zal het in de meeste gevallen nodig zijn via een bezwaar of een verzoek om ambtshalve vermindering een beroep te doen op deze regeling.


In bijzondere situaties geen invorderingsrente

Met ingang van 2023 wordt de Invorderingswet 1990 gewijzigd waardoor bij algemene maatregel van bestuur kan worden vastgesteld dat in specifieke situaties geen invorderingsrente in rekening wordt gebracht. Hiermee kan sneller worden ingespeeld op de wens om in bijzondere situaties geen invorderingsrente in rekening te brengen.

Commentaar van PKF Wallast

In het besluit zal in ieder geval opgenomen worden dat er geen invorderingsrente in rekening wordt gebracht bij in 2022 opgelegde voorlopige aanslagen inkomstenbelasting over het jaar 2022 met box 3-inkomen zolang die aanslagen niet worden ingevorderd in verband met het arrest van de Hoge Raad van 24 december 2021 (het zogenaamde Kerst-arrest).

Ruud van der Linde
Adviseur

Ruud van der Linde is sinds 2006 werkzaam bij PKF Wallast als adviseur. Ruud is gespecialiseerd in familiebedrijven, privacybescherming, bedrijfsovername en bedrijfsopvolging, managementparticipatie (MBO/MBI), werknemersparticipatie, internationale tax planning en transfer pricing.

Wijziging Wet op het kindgebonden budget

Voor de meest kwetsbare huishoudens komt er een energietoeslag (waarover later meer duidelijk wordt), en worden zorgtoeslag, huurtoeslag en het kindgebonden budget verhoogd.

Met betrekking tot de voorgestelde wijzigingen in het kindgebonden budget worden gezinnen met kinderen en een laag of middeninkomen financieel gerichter ondersteund. Het huidige wetsvoorstel bestaat uit 3 aanpassingen ten opzichte van de huidige regeling bovenop de jaarlijkse inflatiecorrectie, te weten:

  1. Het maximumbedrag vanaf het derde (en volgende) kind wordt structureel verhoogd zodat het op gelijke hoogte komt met het maximumbedrag voor het tweede kind.
  2. Alle kindbedragen worden tijdelijk verhoogd met € 356.
  3. Alleenstaande ouders krijgen een hoger kindgebonden budget dan paren; dit extra bedrag bedraagt € 356.

Commentaar van PKF Wallast

De eerste maatregel is structureel en de tweede en derde maatregel zijn deels structureel en deels tijdelijk. Deze tijdelijke verhogingen worden namelijk in 2024 tot en met 2028 geleidelijk afgebouwd. Het kabinet kiest er niet voor ook de leeftijdgebonden maximumbedragen voor de kinderen te verhogen maar richt zich specifiek op huishoudens met een verhoogd armoederisico.


Verder onderzoek naar massaalbezwaarprocedure

De massaalbezwaarregeling is ingevoerd om een grote hoeveelheid bezwaarschriften waarin eenzelfde geschilpunt speelt, collectief te kunnen afwikkelen. Een zeer beperkt aantal zaken wordt uitgeprocedeerd en de rest van de procedures die onder het massaal bezwaar vallen, worden op eenzelfde wijze afgedaan als de uitgevoerde procedure. Tot 2016 konden aanslagen die nog niet onherroepelijk vaststonden op het moment van aanwijzen van de massaalbezwaarprocedure, worden herzien als de rechterlijke uitspraak in het voordeel was voor belastingplichtigen. Vanaf 2016 is een van de vereisten om aan de procedure deel te kunnen nemen dat rechtsgeldig bezwaar moet zijn gemaakt tegen de aanslag.

Naar aanleiding van een motie uit de Tweede Kamer uit 2022 heeft het kabinet nu te kennen gegeven verder onderzoek te zullen doen naar de gevolgen van deze wetswijziging van 2016 ten aanzien van de massaalbezwaarprocedure. De verwachting is dat we u aan het eind van het jaar hierover meer informatie kunnen verstrekken.

Commentaar van PKF Wallast

De laatste tijd is veel te doen omtrent de massaalbezwaarprocedure in het kader van het Kerst-arrest dat eind 2021 werd gewezen over box 3. Door de aanscherpingen per 2016 is deelname aan het massaal bezwaar alleen mogelijk voor de belastingplichtigen die daadwerkelijk bezwaar hebben gemaakt. De niet-bezwaarmakers kunnen geen beroep doen op het rechtsherstel zoals in het arrest aangegeven. Dit voelt niet goed omdat belastingplichtigen er toch op mogen vertrouwen dat de overheid op deugdelijke wijze belasting heft. Als de Hoge Raad dan oordeelt dat dit niet het geval is, zou het toch niet op het bordje van de belastingplichtige terecht moeten komen om daartegen in actie te moeten komen. Het aangekondigde onderzoek zal voor niet-bezwaarmakers tegen de box 3-heffing geen verschil maken. Of dit in de toekomst anders zal zijn, is nog onzeker.

Heeft u vragen over de gevolgen van de maatregelen voor u of uw onderneming?

Onze professionals staan klaar om u te ondersteunen bij uw vraagstukken. Neem vrijblijvend contact op via het formulier.


    Amsterdam

    Beechavenue 78-80
    1119 PW Schiphol-Rijk

    Postadres
    Postbus 74681
    1070 BR Amsterdam

    020 653 18 12

    Amsterdam@pkfwallast.nl

    Rotterdam

    Schaardijk 372
    2909 LA Capelle aan den IJssel

    Postadres
    Postbus 84030
    3009 CA Rotterdam

    010 450 40 20

    Rotterdam@pkfwallast.nl

    Delft

    Delftechpark 40
    2628 XH Delft

    Postadres
    Postbus 332
    2600 AH Delft

    015 261 31 21

    Delft@pkfwallast.nl

    Woerden

    Pompmolenlaan 9
    3447 GK Woerden

    Postadres
    Postbus 533
    3440 AM Woerden

    0348 416 262

    Woerden@pkfwallast.nl

    Alphen aan den rijn

    Europaplein 10F
    2408 GX Alphen aan den Rijn

    Postadres
    Postbus 533
    3440 AM Woerden

    0172 748 218

    AlphenaandenRijn@pkfwallast.nl

    © PKF Wallast is a member of PKF International – a global network of independent firms.
    PKF International Limited is a family of legally independent firms and does not accept any responsibility or liability for the actions or inactions of any individual member or correspondent firm or firms.
    "PKF" and the PKF logo are registered trademarks used by PKF International and member firms of the PKF International Network. They may not be used by anyone other than a duly licenced member firm of the Network.