Maatregelen arbeidsmarkt

In dit onderdeel kunt u meer lezen over de fiscale maatregelen op het gebied van de arbeidsmarkt. De meest in het oog springende wijzigingen zien op de aanpassingen met betrekking tot de 30%-regeling en de verhoging van de onbelaste reiskostenvergoedingen.

Er is nog een aantal overige maatregelen die niet in het Belastingplan staan, maar wel belangrijk zijn om in de gaten te houden voor uw bedrijf/organisatie. Dit betreffen de Wet DBA en de eind dit kalenderjaar aflopende coronamaatregelen voor grensarbeiders.

Beperken 30%-regeling tot Balkenendenorm

Uit het buitenland aangeworven werknemers komen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking voor de 30%-regeling, waardoor zij gedurende een periode van maximaal vijf jaar in beginsel 30% van hun salaris onbelast kunnen ontvangen.

Het kabinet stelt voor om toepassing van de 30%-regeling per 1 januari 2024 te beperken tot maximaal de WNT-norm, voor de meesten beter bekend als de Balkenendenorm (in 2022: € 216.000). Het eventuele salaris boven de Balkenendenorm wordt dan (regulier) volledig belast. Voorgaande houdt in dat werknemers met toepassing van de 30%-regeling maximaal € 64.800 onbelast kunnen ontvangen. Dit bedrag zal in 2024 hoger liggen, omdat de WNT-norm jaarlijks wordt geïndexeerd. Mochten de werkelijke extraterritoriale kosten echter hoger liggen dan de maximale onbelaste vergoeding op basis van de 30%-regeling, dan kan ervoor worden gekozen om aan te sluiten bij het vergoeden van de werkelijke extraterritoriale kosten.

Met de nieuwe maatregel zullen werkgever en werknemer ook een keuze moeten gaan maken of zij wensen aan te sluiten bij de 30%-regeling dan wel het vergoeden van de werkelijke kosten. Deze keuze zal dan gelden voor het gehele kalenderjaar en moet ieder kalenderjaar opnieuw gemaakt worden gedurende de looptijd van de beschikking. Omdat in de eerste maanden van de tewerkstelling van de aangeworven werknemer de 30%-regeling zal worden aangevraagd, kan de keuze in de eerste 4 maanden achterwege blijven en zal vervolgens de definitieve keuze voor het betreffende kalenderjaar worden gemaakt.

Er is een overgangsregeling voorgesteld op basis waarvan voor ingekomen werknemers bij wie de 30%-

regeling over het laatste loontijdvak van 2022 is toegepast, geldt dat de aftopping van de 30%-

regeling pas voor het eerst van toepassing is vanaf 1 januari 2026. Voor deze groep ingekomen werknemers geldt dat bij aanvang van toepassing van de 30%-regeling nog niet definitief vaststond dat het binnen de regeling maximaal in aanmerking te nemen bedrag vanaf 1 januari 2024 zou worden afgetopt. Hiervoor is gekozen om aan te sluiten bij de overgangsperiode die geldt voor werknemers die te maken hadden met de inkorting van de 30%-regeling van 8 jaar naar 5 jaar.

Tot slot wordt opgemerkt dat lesgelden voor de internationale school nog steeds onder de gerichte vrijstelling vallen en daarmee naast de 30%-regeling onbelast mogen worden vergoed.

Commentaar van PKF Wallast

De beperking van de 30%-regeling kan voor een mogelijke kandidaat met een topinkomen wellicht een reden zijn om nog dit jaar in dienst te treden, omdat in dat geval nog gebruik gemaakt kan worden van de overgangsregeling en de werknemer pas later met de beperking van de 30%-regeling zal worden geconfronteerd.

Met deze maatregel zal ook de administratieve last voor de werkgever toenemen, omdat jaarlijks de keuze moet worden vastgelegd of de 30%-regeling wordt toegepast of dat de werkelijke extraterritoriale kosten zullen worden vergoed.  

Verhoging onbelaste reiskostenvergoeding

Vanwege de hoge brandstofprijzen heeft het kabinet de al in het coalitieakkoord opgenomen verhoging van de onbelaste reiskostenvergoeding een jaar naar voren gehaald. Met ingang van 1 januari 2023 stijgt de onbelaste reiskostenvergoeding van € 0,19 per kilometer naar € 0,21 per kilometer. Met ingang van 2024 zal de onbelaste reiskostenvergoeding verder stijgen naar € 0,22 per kilometer.

Commentaar van PKF Wallast

De verhoging van de onbelaste reiskostenvergoeding geeft werkgevers de mogelijkheid werknemers meer tegemoet te komen in de reiskosten. Let wel, het is niet noodzakelijk de reiskostenvergoeding te verhogen. De verwachting is dat 75% van de werkgevers wel zal aansluiten bij de verhoogde reiskostenvergoeding.

Het is overigens mogelijk om een nog hogere vergoeding per kilometer aan de medewerkers onbelast te vergoeden en dit bijvoorbeeld te doen vanuit de verhoging van het WKR-budget (zie onderdeel 3.4). Wel moet u, als werkgever, het meerdere van deze vergoeding aanwijzen.


Verhoging onbelaste thuiswerkvergoeding

De verhoging van de onbelaste thuiswerkvergoeding is niet opgenomen in het Belastingplan. Wel heeft Staatssecretaris Van Rij op 29 augustus 2022 in een brief vragen beantwoord ten aanzien van de onbelaste thuiswerkvergoeding. In dit kader waren vragen gesteld naar aanleiding van de berekening van het Nibud in maart 2022 dat de kosten per thuiswerkdag waren gestegen van € 2,00 naar gemiddeld € 3,05.

In het antwoord is opgenomen dat de gerichte vrijstelling binnen de WKR voor thuiswerken bij de introductie zodanig is vormgegeven dat deze jaarlijks wordt geïndexeerd met de tabelcorrectiefactor. De tabelcorrectiefactor komt naar verwachting uit op 1,063, waardoor de vrijstelling per 1 januari 2023 (naar verwachting) verhoogd zal worden naar € 2,13.

Commentaar van PKF Wallast

Met de verhoging van de onbelaste reiskostenvergoeding en de onbelaste thuiswerkvergoeding zal goed gekeken moeten worden naar de huidige afspraken tussen werkgevers en werknemers. In gevallen waarin hybride wordt gewerkt is het goed om te beoordelen of bestaande afspraken over de vaste kostenvergoedingen of vaste reiskostenvergoedingen wellicht aanpassing behoeven. Naast de fiscale aspecten, zal daarbij ook rekening gehouden moeten worden met de arbeidsrechtelijke aspecten.    

Verhoging vrije ruimte werkkostenregeling

Om de lasten voor ondernemers uit het midden- en kleinbedrijf te verlagen, wordt onder andere het budget van de werkkostenregeling (WKR) verruimd. De WKR is de regeling voor onbelaste vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen die door de werkgever aan de werknemer worden gegeven in het kader van de dienstbetrekking. Via de vrije ruimte van de WKR kunnen werkgevers vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen onbelast aan hun werknemers geven voor zover geen gerichte vrijstelling van toepassing is.

De vrije ruimte bedraagt per werkgever 1,7% van de fiscale loonsom tot € 400.000. Voor het meerdere aan loonsom bedraagt de vrije ruimte 1,18%. In het Belastingplan is opgenomen dat het percentage over de eerste € 400.000 aan loonsom wordt verhoogd met 0,22% tot 1,92% in 2023.

Commentaar van PKF Wallast

Met de verhoging van de vrije ruimte met 0,22% krijgen werkgevers met een fiscale loonsom van € 400.000 een bedrag van € 880 extra te besteden. Het is verstandig te bekijken of de WKR nu al optimaal wordt ingezet voor de werknemers of dat hier nog mogelijkheden zijn.

Elmer van Lienen

Adviseur loonheffingen

Elmer is sinds 2020 werkzaam bij PKF Wallast als adviseur loonheffingen en is gespecialiseerd in (internationale) loonheffingen, payroll consultancy en tax risk management.

Mathijs Gersie

Adviseur Loonheffingen

Sinds 2021 is Mathijs Gersie werkzaam bij PKF Wallast. Mathijs houdt zich bezig met (internationale) loonheffingen en tax risk management.

Verhoging arbeidskorting

De voorgestelde wijziging heeft tot gevolg dat het maximale bedrag van de arbeidskorting, na toepassing van de inflatiecorrectie, met ingang van 1 januari 2023:

  • bij het eerste knikpunt (€ 10.350) wordt verhoogd met € 384,
  • bij het tweede knikpunt (€ 22.357) wordt verhoogd met € 473, en
  • bij het derde knikpunt (€ 36.650) wordt verhoogd met € 523.

Daarnaast wordt met deze wijziging bewerkstelligd dat het afbouwpercentage van de arbeidskorting wordt verhoogd van 5,86% naar 6,51% voor arbeidsinkomen van meer dan het derde knikpunt.

Overige wijzigingen

Er is nog een aantal wijzigingen die voor volgend jaar van belang zijn. Deze zijn niet opgenomen in het Belastingplan, maar al eerder dit jaar aangekondigd. Hieronder treft u de meest relevante wijzigingen aan.

Hoofdlijnenbrief zelfstandigen

Op 5 juli 2022 heeft minister Van Gennip van Sociale Zaken en Werkgelegenheid haar brief ‘Hoofdlijnenbrief Arbeidsmarkt’ naar de Tweede Kamer gestuurd. In deze brief geeft het kabinet aan hoe zij de arbeidsmarkt weer toekomstbestendig wil maken. Een van de vijf belangrijke thema’s in de brief gaat over het scheppen van meer duidelijkheid over de kwalificatie van arbeidsrelaties.

Het kabinet heeft een aanpak in drie lijnen uiteengezet om het werken met zelfstandigen toekomstbestendiger te maken. Langs deze drie lijnen wil zij:

  • inzetten op een gelijker speelveld voor contractvormen op het gebied van sociale zekerheid en fiscaliteit
  • meer duidelijkheid creëren wanneer er gewerkt wordt als werknemer dan wel als zelfstandige buiten dienstbetrekking, inclusief het ondersteunen van werkenden om hun rechtspositie op te eisen
  • het toezicht en handhaving op schijnzelfstandigheid verbeteren.

In het najaar van 2022 zal in een brief over ‘Werken als zelfstandige’ meer duidelijkheid komen over de afschaffing van het handhavingsmoratorium. Wel heeft de kabinet de ambitie om het handhavingsmoratorium op te heffen per 1 januari 2025 of eerder indien mogelijk.

Commentaar van PKF Wallast

Het is van belang de ontwikkelingen op dit gebied te volgen. Het handhavingsmoratorium zal eindigen en dan zal ook de Belastingdienst de controles gaan intensiveren.


Lagere rekenpremie Whk

Het UWV heeft in de Juninota voor 2023 een rekenpremie voor de Werkhervattingskas (Whk) van 1,34% gebruikt. Dat is een lagere premie dan de huidige rekenpremie van 1,52%. Het is nog niet zeker of deze rekenpremie ook daadwerkelijk gebruikt zal worden.

Commentaar van PKF Wallast

De gevolgen van deze rekenpremie zullen door uw salarisadministrateur verwerkt worden in uw administratie.

Grensarbeiders en sociale zekerheid

De coronamaatregelen ten aanzien van de grensarbeiders voor het beperken van de impact van de sociale zekerheid loopt door tot eind 2022. De maatregelen voorkomen dat iemand door het thuiswerken in internationaal verband opeens onder de sociale zekerheidsregels van het land valt waar de werknemer thuiswerkt. Het is nog niet duidelijk of de versoepeling van de regelgeving per 1 januari 2023 door zal lopen.

Commentaar van PKF Wallast

Mocht er geen verlenging van deze regeling plaatsvinden dan is het verstandig om tijdig de gevolgen in kaart te brengen en de noodzakelijke acties te bepalen.

Heeft u vragen over de gevolgen van de maatregelen voor u of uw onderneming?

Onze professionals staan klaar om u te ondersteunen bij uw vraagstukken. Neem vrijblijvend contact op via het formulier.


    Amsterdam

    Beechavenue 78-80
    1119 PW Schiphol-Rijk

    Postadres
    Postbus 74681
    1070 BR Amsterdam

    020 653 18 12

    Amsterdam@pkfwallast.nl

    Rotterdam

    Schaardijk 372
    2909 LA Capelle aan den IJssel

    Postadres
    Postbus 84030
    3009 CA Rotterdam

    010 450 40 20

    Rotterdam@pkfwallast.nl

    Delft

    Delftechpark 40
    2628 XH Delft

    Postadres
    Postbus 332
    2600 AH Delft

    015 261 31 21

    Delft@pkfwallast.nl

    Woerden

    Pompmolenlaan 9
    3447 GK Woerden

    Postadres
    Postbus 533
    3440 AM Woerden

    0348 416 262

    Woerden@pkfwallast.nl

    Alphen aan den rijn

    Europaplein 10F
    2408 GX Alphen aan den Rijn

    Postadres
    Postbus 533
    3440 AM Woerden

    0172 748 218

    AlphenaandenRijn@pkfwallast.nl

    © PKF Wallast is a member of PKF International – a global network of independent firms.
    PKF International Limited is a family of legally independent firms and does not accept any responsibility or liability for the actions or inactions of any individual member or correspondent firm or firms.
    "PKF" and the PKF logo are registered trademarks used by PKF International and member firms of the PKF International Network. They may not be used by anyone other than a duly licenced member firm of the Network.