maandag 26 juli 2010
Verruiming tijdelijke contracten voor jongeren verduidelijkt
Voor werkgevers is het sinds 9 juli 2010 mogelijk om vaker en langer opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd aan te gaan met een werknemer die jonger is dan 27 jaar. Door de maatregel geldt dat, na vier tijdelijke arbeidsovereenkomsten die telkens direct of binnen drie maanden na elkaar zijn afgesloten, de vijfde tijdelijk arbeidsovereenkomst automatisch een vast dienstverband is. Daarnaast wordt het contract automatisch in een vast contract omgezet als tijdens het tweede of volgende tijdelijke contract de duur van 48 maanden wordt overschreden. De wetswijziging is bedoeld om jongeren tijdens de huidige economische crisis langer aan het werk te houden. Door mogelijk te maken dat vaker en langer arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd kunnen worden aangegaan wordt het mogelijk dat een werkgever het dienstverband met de jongere voortzet. Het gaat om een tijdelijke wet tot 1 januari 2012, met de mogelijkheid tot verlenging tot uiterlijk 1 januari 2014.
De maatregel is bedoeld voor werknemers onder de 27 jaar die werken op basis van een tijdelijk contract en werkgevers met jongere werknemers met een tijdelijk contract. Werknemers jonger dan 27 jaar die op het moment van inwerkingtreding niet aan de voorwaarden voor een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd voldoen (minder dan 36 maanden of nog geen vierde contract) vallen onder de nieuwe regeling. Dit betekent dat aan deze jongeren een vierde opeenvolgende arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kan worden aangeboden zonder dat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaat (dat ontstaat pas na 48 maanden of bij het vijfde contract). Werknemers die bij de inwerkingtreding al aan de voorwaarden voor een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd voldoen (meer dan 36 maanden of vierde contract) vallen niet onder de nieuwe regeling. Deze werknemers hebben immers al een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.
Als de tijdelijke regeling vervalt dan geldt de oude regeling weer. Er is een uitzondering gemaakt voor werknemers die onder de nieuwe regeling vallen en bij het vervallen daarvan in het vierde contract zitten of de periode van 36 maanden hebben gepasseerd. Zij krijgen, zo lang ze nog geen 27 jaar zijn, op het moment van het vervallen van de regeling geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, maar pas bij het vijfde contract of na afloop van de periode van 48 maanden.
Bij het bereiken van de leeftijd van 27 jaar houdt de werking van de nieuwe regeling direct op en valt de werknemer onder de oude regeling. Dit betekent ook dat als op het moment waarop een werknemer 27 jaar wordt, arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd elkaar met tussenpozen van niet meer dan 3 maanden hebben opgevolgd en een periode van 36 maanden hebben overschreden of de werknemer meer dan 3 voor bepaalde tijd aangegane arbeidsovereenkomsten zijn afgesloten, de laatste op dat moment lopende arbeidsovereenkomst geldt voor onbepaalde tijd.
Van de nieuwe regeling kan net als van de bestaande regeling bij cao (of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan) worden afgeweken ten nadele van de werknemer. De nieuwe regeling heeft dus geen gevolgen voor bestaande cao's waarin een afwijkende regeling is opgenomen.
De maatregel is op 9 juli 2010 ingegaan, de dag na publicatie in het Staatsblad.
Bron: Staatsblad 2010, nr. 274, www.szw.nl
Terug
|